Let op met de selectieve betaling van uw verscheidene schuldeisers

Door de coronacrisis hebben veel ondernemingen het moeilijk. Wanneer veel schulden tegelijk opeisbaar worden en betaling op een gegeven ogenblik niet mogelijk is, zal een ondernemer noodgedwongen keuzes moeten maken m.b.t. welke schuldeisers hij eerst betaald. Hij verkiest er dan vaak voor om schuldeisers die de continuïteit van de onderneming in het gedrang kunnen brengen, zoals werknemers, bepaalde leveranciers, … bij voorrang te betalen boven de andere schuldeisers.

De keuze inzake welke schuldeisers u eerst uitbetaald en welke u laat wachten, is echter niet zonder risico.

Het uitgangspunt is steeds dat een onderneming zelf mag kiezen welke schulden er wanneer betaald worden. In principe levert het enkele feit dat de ene schuldeiser wel betaald wordt en de andere niet, geen aansprakelijkheid op.

Wanneer de onderneming zich in moeilijkheden bevindt, is het evenwel belangrijk enige voorzichtigheid aan de dag te leggen.

Selectieve betalingen kunnen in bepaalde omstandigheden immers leiden tot bestuurdersaansprakelijkheid.

Wij lichten hieronder enkele scenario’s voor u toe.

      1. Betalen van niet-opeisbare schulden

Een bestuurder van een onderneming in moeilijkheden kan er soms noodgedwongen toe overgaan om schulden aan zichzelf of aan een verbonden onderneming die nog niet vervallen zijn, toch reeds te betalen.

Dit houdt een risico in.

Als de onderneming later in faling gaat, kan de curator deze betaling immers aanvechten (cfr. art. XX.111, 2° WER). De curator dient hiervoor slechts aan te tonen dat de betaling in de verdachte periode is gebeurd en dat de schuld nog niet opeisbaar was. Deze handeling wordt steeds vermoed benadeling aan de boedel toe te brengen. De curator dient dit niet te bewijzen.

De curator kan daarenboven de bestuurder aansprakelijk stellen voor de schade veroorzaakt door diens fout.

Let met deze betalingen dus goed op indien uw onderneming afstevent op een faillissement.

      1. Betalen van opeisbare schulden

Ook het betalen van opeisbare schulden kan in bepaalde gevallen frauduleus zijn.

Indien de betaling gebeurt met bedrieglijke benadeling van de rechten van andere schuldeisers, spreekt met van een pauliaanse handeling.

De benadeling van de rechten van andere schuldeisers kan gebeuren door:

      • zichzelf te verarmen via een schenking;
      • bepaalde schuldeisers voorrang te geven boven anderen wanneer een zakelijke zekerheid wordt toegestaan voor een bestaande schuld;
      • de verhindering van de verhaalsrechten van andere schuldeisers door de overdracht van beslagbare goederen.

De actio pauliana (cfr. art. 1167 BW) biedt de benadeelde schuldeiser te allen tijde de mogelijkheid om hiertegen in te gaan.

Na een faillissement, kan ook de curator een faillissementspauliana instellen (cfr. art. XX.114 WER) om de bedrieglijke betaling niet tegenwerpelijk te laten verklaren aan de boedel.

De curator kan de bestuurder ook in dit geval aansprakelijk stellen voor de schade veroorzaakt door diens fout.

      1. Niet betalen fiscale en RSZ-schulden

Ondernemingen in moeilijkheden verkiezen er vaak voor de neutrale schuldeisers zoals de fiscale en socialezekerheidsschuldeisers als laatste uit te betalen.

Ook dit houdt grote risico’s in.

Door de bedrijfsvoorheffing en BTW niet te betalen, kan de bestuurder immers bij een navolgend faillissement, persoonlijk en hoofdelijk aansprakelijk worden gesteld voor het geheel of een deel van alle op het ogenblik van de uitspraak van het faillissement verschuldigde sociale bijdragen, met inbegrip van de verwijlinteresten (cfr. art. XX.226 WER).

Het is dus zeer belangrijk u goed te informeren wanneer uw onderneming zich in moeilijkheden bevindt en u genoodzaakt bent te kiezen welke schuldeisers u boven anderen uitbetaald.

Indien u hierover meer informatie wenst, kan u steeds bij ons terecht.