Versoepeling gerechtelijke reorganisatie (W.C.O) is een feit

In onze newsflash van 19 februari 2021 meldden wij u dat er een mogelijke versoepeling van de procedure gerechtelijke reorganisatie (W.C.O.) op tafel lag.

Het parlement heeft intussen op 11 maart 2021 het wetsvoorstel tot wijziging van boek XX van het Wetboek van economisch recht goedgekeurd.

De toegangsprocedure tot de gerechtelijke reorganisatie wordt hierdoor aanzienlijk versoepeld.

Tot op vandaag dient de onderneming bij de aanvraag van de gerechtelijke reorganisatie, op straffe van onontvankelijkheid, een groot aantal stukken te voegen. Het betreft onder meer volgende documenten (art. XX.41 §2 WER):

“ 1° een uiteenzetting van de gebeurtenissen waarop zijn verzoek is gegrond en waaruit blijkt dat naar zijn oordeel de continuïteit van zijn onderneming onmiddellijk of op termijn bedreigd is;
2° een aanwijzing van de doelstelling of de doelstellingen waarvoor hij het openen van de procedure van gerechtelijke reorganisatie aanvraagt;
3° de vermelding van een elektronisch adres waarbij hij zolang de procedure van gerechtelijke organisatie duurt, kan worden bereikt en waaruit hij de ontvangst kan melden van de ontvangen mededelingen;
4° de twee recentste jaarrekeningen die volgens de statuten hadden moeten neergelegd zijn en de eventueel nog niet neergelegde jaarrekening van het laatste boekjaar of, indien de schuldenaar een natuurlijke persoon is, de twee recentste aangiftes in de personenbelasting; zo de onderneming geen twee boekjaren heeft bestaan, zal zij dit doen voor de gehele periode voor haar oprichting;
5° een boekhoudkundige staat die het actief en het passief weergeeft en de resultatenrekening die maximum drie maanden oud is, opgesteld met de bijstand van hetzij een bedrijfsrevisor, hetzij een externe accountant, hetzij een externe erkend boekhouder of een externe erkend boekhouder-fiscalist;
6° een begroting met een schatting van de inkomsten en uitgaven voor ten minste de duur van de gevraagde opschorting, opgesteld met de bijstand van een van de beroepsbeoefenaars vermeld in 5° ; op advies van de Commissie voor boekhoudkundige normen kan de Koning een model opleggen van geraamde begroting;
7° een volledige lijst van de erkende of beweerde schuldeisers in de opschorting, met vermelding van hun naam, hun adres en het bedrag van hun schuldvordering en de bijzondere vermelding van de hoedanigheid van buitengewone schuldeiser in de opschorting en van het goed dat is belast met een zakelijke roerende zekerheid of een hypotheek of dat eigendom is van de betrokken schuldeiser;
8° een toelichting omtrent de wijze waarop de maatregelen en voorstellen die hij overweegt om de rendabiliteit en de solvabiliteit van zijn onderneming te herstellen, om een eventueel sociaal plan in te zetten en om de schuldeisers te voldoen;
9° een toelichting omtrent de wijze waarop de schuldenaar voldaan heeft aan de wettelijke of conventionele verplichtingen de werknemers of hun vertegenwoordigers in te lichten of te raadplegen;
10° de lijst van vennoten indien de schuldenaar een in [
2 artikel I.1, eerste lid, 1°, c)]2 bepaalde onderneming, of een rechtspersoon waarvan de vennoten onbeperkt aansprakelijk zijn, is en het bewijs dat de vennoten op de hoogte werden gebracht;
11° een kopie van de exploten van bevel en van uitvoerende roerende en onroerende beslagen, zoals deze verschijnen in het centraal bestand van berichten van beslag, delegatie en overdracht en collectieve schuldenregeling, in het geval dat hij de schorsing van de werkzaamheden van verkoop op onroerend uitvoerend beslag vordert overeenkomstig artikelen XX. 44, §§ 2 en 3 en XX. 51, §§ 2 en 3.”

 

De aanvraag tot gerechtelijke organisatie brengt dus een hele stapel papierwerk, tijd en energie met zich mee. Wanneer een van de stukken uiteindelijk ontbreekt, is het verzoek meteen onontvankelijk en dient men van meet af aan te herbeginnen.

Die uitgebreide voorbereiding en strikte reglementering schrikt ondernemingen dan ook vaak af om effectief een verzoekschrift in te dienen.

Door de wetswijziging zal de aanvraagprocedure binnenkort echter worden versoepeld.

De sanctie van de onontvankelijkheid wordt immers opgeheven. Wanneer bepaalde stukken ontbreken, kan de onderneming voortaan de ontbrekende stukken later nog voegen of zelfs vrijgesteld worden deze stukken nog bij te voegen.

De wijziging zal in werking treden de dag van de bekendmaking in het Belgisch Staatsblad.

Het is wel zo dat de versoepeling reeds op 30 juni 2021 buiten werking treedt, doch deze datum kan na evaluatie door de koning worden verlengd.

Bron: