De recente cijfers van de inspectiedienst van het RIZIV tonen een duidelijke verstrenging in de controle op de aanrekening van gezondheidszorgprestaties. In 2025 werd voor bijna 16 miljoen euro aan onterechte facturatie vastgesteld, een stijging met ongeveer 4 miljoen euro ten opzichte van het voorgaande jaar. Opmerkelijk is dat deze toename zich voordoet ondanks een daling van het aantal afgeronde controleonderzoeken. Dit wijst erop dat de dossiers die worden behandeld inhoudelijk zwaarder doorwegen en een financieel grotere impact hebben.
De cijfers illustreren een evolutie waarbij de focus verschuift van kwantiteit naar kwaliteit van controles. Waar in 2024 nog 483 onderzoeken werden afgesloten, ging het in 2025 om 334 dossiers. De gemiddelde financiële omvang per dossier ligt dus aanzienlijk hoger. Deze tendens past binnen een risicogestuurde aanpak, waarbij voorafgaande analyses bepalen welke sectoren of zorgverleners een verhoogd risico vertonen op onregelmatigheden. Dergelijke selectieve controlemechanismen verhogen de efficiëntie van het toezicht, maar impliceren ook dat zorgverleners binnen bepaalde beroepsgroepen sneller in het vizier komen.
Een belangrijk juridisch onderscheid blijkt uit de aard van de vastgestelde inbreuken. Het merendeel van de dossiers betreft geen fraude in de strikte zin, maar administratieve fouten of onzorgvuldigheden. Toch vertegenwoordigen de fraudedossiers een aanzienlijk bedrag, met meer dan 4 miljoen euro aan onrechtmatige aanrekeningen, vaak gelinkt aan prestaties die niet werden uitgevoerd. Deze vaststellingen benadrukken dat het juridisch kader niet enkel sanctionerend optreedt bij opzettelijke fraude, maar ook corrigerend bij onjuiste toepassing van de nomenclatuurregels.
De terugvordering van onterecht aangerekende bedragen verloopt deels via vrijwillige terugbetaling door zorgverleners, hetgeen in 2025 meer dan 10 miljoen euro opleverde. Voor de resterende bedragen worden administratieve procedures opgestart. Dit mechanisme benadrukt het hybride karakter van de handhaving: enerzijds wordt ingezet op responsabilisering van zorgverleners, anderzijds blijft een afdwingbaar juridisch kader noodzakelijk om naleving te verzekeren.
Wat de betrokken actoren betreft, vallen vooral tandartsen en zorginstellingen op. Tandartsen vormen het grootste aantal dossiers, terwijl ziekenhuizen en andere instellingen financieel de zwaarste dossiers vertegenwoordigen.
Dit betekent dat zorgverleners zich steeds bewuster moeten zijn van de juridische implicaties van hun facturatiegedrag. Correcte toepassing van de regelgeving is niet langer louter een administratieve verplichting, maar een essentieel onderdeel van professionele verantwoordelijkheid. De combinatie van gerichte controles, terugvorderingen en mogelijke sancties maakt duidelijk dat onnauwkeurigheden, al dan niet intentioneel, aanzienlijke financiële en juridische gevolgen kunnen hebben.
BRON: https://www.riziv.fgov.be/nl/pers/4-miljoen-euro-meer-aan-onterechte-aanrekeningen-opgespoord-in-2025-dan-in-2024
