Band tussen broers en zussen wettelijk verankerd

Tot op heden bestond er geen artikel waaruit broers en zussen het recht putten om samen te blijven of samen op te groeien.

In de praktijk kwam het dan ook regelmatig voor dat kinderen uit eenzelfde gezin apart opgroeiden na overlijden, verlating, echtscheiding of in het kader van plaatsing in de jeugdhulp.

De wetgever brengt hier nu verandering en wil dit soort situaties zoveel als mogelijk vermijden.

Vanaf 19 juni 2019 zullen broers en zussen voortaan dan ook uitdrukkelijk het recht hebben om samen te blijven. Enkel in zeer uitzonderlijke situaties, waarbij het belang van het kind vereist dat het recht op om samen te blijven niet wordt uitgeoefend, kan hiervan worden afgeweken. In dat geval moet evenwel nog steeds maximaal gestreefd worden naar het behoud van persoonlijk contact tussen de broers en zussen.

Er wordt hiertoe een nieuw hoofdstuk III ingevoegd in het Burgerlijk Wetboek onder boek I, titel IX (Ouderlijk gezag en pleegzorg) genaamd “Broers en zussen”. Dit hoofdstuk bevat enkele nieuwe bepalingen die duidelijk maken dat broers en zussen rechten ten aanzien van elkaar genieten.

Het nieuwe artikel 387septiesdecies BW luidt als volgt:

“Art. 387septiesdecies. Minderjarige broers en zussen hebben het recht om niet van elkaar te worden gescheiden. Dit recht moet in het belang van elk kind worden beoordeeld. Ingeval het belang van een kind vereist dat dit recht niet wordt uitgeoefend, streven de ouders, de pleegzorgers, de rechtbank en de daartoe bevoegde overheid het behoud van persoonlijke contacten tussen dit kind en elk van zijn broers en zussen na tenzij ook dit strijdig is met het belang van dit kind.”.

Het nieuwe hoofdstuk bepaalt tevens wie als ‘broers en zussen’ worden beschouwd. Het gaat om kinderen die samen binnen hetzelfde gezin worden opgevoed en die een bijzondere affectieve band met elkaar hebben ontwikkeld. Ook indien kinderen geen bloedband met elkaar hebben, kunnen zij aldus genieten van het recht om niet van elkaar gescheiden te worden.

In samenhang met de invoeging van enkele nieuwe artikels, wijzigt de wetgever ook enkele bestaande bepalingen om maximaal te vermijden dat kinderen uit elkaar worden gehaald (i.k.v. huisvesting na echtscheiding van ouders (art. 374 BW), recht op persoonlijk contact van grootouders en derden (art. 375bis BW) en voogdij (art. 393 BW).

De wetswijziging treedt officieel in werking op 19 juni 2021.

Bron: